Posts tonen met het label beetje warrig. Alle posts tonen
Posts tonen met het label beetje warrig. Alle posts tonen

maandag 3 oktober 2016

Het herbarium

Zondagavond. Het huiswerk is zo goed als af. Alleen dat "herbarium" moet nog even. We hadden al wat gedroogde plantjes. en zus wilde helpen met het schrift in elkaar knutselen.

Afbeeldingsresultaat voor herbariumEen uurtje later, ze zitten samen aan de tafel. Hij determineert. Lang leve het internet, dat werkt toch een stuk fijner dan zo'n boek. Zij plakt de plantjes op een papier en schrijft met haar nette meisjeshandschrift op wat hij dicteert. Ze hebben er al bijna één klaar.

Hoeveel hij er eigenlijk moet, vroeg ik me af. Nou, hij dácht eerst 10. En hij had er al 7 verzameld. Maar nu blijkt opeens dat het er 20 moeten zijn. En de deadline is in zicht.

Zoon is niet zo'n held in vooruit denken en plannen. (En daar wordt hij voor behandeld, om in Koot&Bie jargon te blijven). Ik probeer niet wanhopig te zuchten en ongeduldig doen, want hij doet zijn best en het gaat al beter: het hoeft niet morgenochtend af, we hebben nog 4 dagen...   

Nog een dag of 4 om plantjes te zoeken en twee weken te laten drogen, te determineren en op te plakken?! Best krap als hij eerst de hele dag op school zit en dan ander huiswerk moet maken. Dus ik laat hem beloven bij een volgend project met lange loopduur ons wat eerder in te seinen, en ik beloof dat ik hem zal helpen met het meest tijdrovende werk. Zoeken en drogen. 

Wie goed heeft gekeken zag op een zonnige maandagmorgen dus Mammalien tussen het natte gras en de gevallen blaadjes schuifelen, op zoek naar bloemen en plantjes. Het is maar goed dat de herfst dit jaar weer wat later is, want oktober is nou niet de beste tijd om je herbarium met bloeiende planten te vullen. Toch vind ik hier en daar wel wat. In de berm, bij de sloot, langs de weg. Ik fiets als een slak, mijn ogen gericht op de berm, rem en pluk, stop weer een kamille of paardenbloem in mijn tas. 

Hoe vreselijk ik in vwo 2 mijn eigen herbarium opdracht heb gehaat. Ik weet het nog. Maar nu vind ik het eigenlijk best leuk. In al die jaren heb ik kennelijk toch wat kennis van en liefde voor het groen opgevat. Misschien moet je sommige schoolopdrachten gewoon wat later in je leven doen. Even wachten tot je er rijp voor bent. En misschien geldt dat ook voor zoon.

zaterdag 30 juli 2016

Friends

Vanmiddag kregen we bezoek. Een schoolvriendinnetje, nee -  een brutaal kind dat bedacht dat ze vanmiddag in het huis van mijn dochter wilde spelen. Tijdens de lunch had ze me al bijna zover dat ik haar oren met haar boterham met leverpastei wilde uitwassen. Ze begon eerst heftig te protesteren toen ze zag dat er (een beetje) boter op zat, zodat ik twee nieuwe heb moeten ontdooien en smeren. Kreeg ik hem daarna voor de tweede keer terug omdat er "zo weinig leverpastei op zat". Aarrrggh. Misschien dat haar moeder het assertief noemt, ik zou het niet in mijn hoofd hebben gehaald, vroegah... nog liever droog brood met spijkers gegeten dan... 

Even na het eten gingen ze spelen. Helaas bleek na een kwartier dat er "niets was om te spelen". In ieder geval niets wat ze allebei leuk vonden. En dan vooral stug volhouden natuurlijk, dat wat die ander voorstelt écht héél stom is. De één zat in de gang, de ander op de trap. Mijn tactiek - negeren en flink met mijn stofzuiger te keer gaan tussen de dames door zodat ze misschien zouden ophoepelen naar elders om daar iets te gaan zoeken om te spelen - werkte niet. Ik had ze bijna zover dat het speelafspraakje voortijdig afgebroken zou worden, maar niemand wist het telefoonnummer van haar moeder... Mijn blik beloofde al niet veel goeds en dochter was ook de wanhoop nabij, maar oudste wierp zich op als geduldig mediator / gezellig entertainer en nodigde de dames uit voor een partijtje bomenklimmen buiten. Mijn held! 

Ze kwam net nog even terug om te "plassen", en passant ook even vragend of ze nog wat lekkers mocht (een stukje boterkoek nota bene, dat bliefde ze wel) maar ik heb heel stoer NEE gezegd en haar weer naar buiten gestuurd. Waarom zijn de kinderen waar mijn dochter thuis altijd hooguit een (één) tumtum krijgt zelf altijd zo aan het zeuren om snoep bij ons thuis? 

Hier dan maar een foto van dochter met wat gezelliger vriendinnen, vorige week op de Lego World dag gemaakt. Na zoon is ook dochter een enthousiaste bouwer geworden. 




donderdag 23 januari 2014

Dan ben je slim, maar...

Hij is boos, gefrustreerd, verdrietig. Zo ken ik hem niet. Of misschien toch, van die periode toen hij op school zo slecht in zijn vel zat, toen hij bij die juf zat die hem helemaal verkeerd begreep. Maar hij wil niets zeggen en ik mag niet helpen. Even later een berichtje van de juf, hij was vergeten zijn presentatie voor te bereiden vandaag. O. Ik snap het. Maar dat is kennelijk nog niet alles.

Later op de avond, ik kom beneden van het in bed werken van de brusjes en zie hem zitten. Een lege bladzijde voor zijn neus. Een tot twee kantjes moeten er vol geschreven worden, over hemzelf, over wat hij vorig jaar heeft meegemaakt. Een haast onmogelijke opdracht lijkt het. Ten eerste staat zijn leven van vorig jaar ongeveer net zo ver weg van hem weg als dat van de holbewoners in de prehistorie. Ten tweede krijgt hij het niet voor elkaar om gewoon maar ergens te beginnen, iets op te schrijven, wat dan ook. Hij wiebelt, zoekt uitvluchten, steunt en kreunt. En uiteindelijk vraagt hij, een half uur voor bedtijd en dus een half uur voor de deadline, of ik helpen wil. Godzijdank.

Ik hoef alleen maar naast hem te zitten en te luisteren, hem vriendelijk terugwijzen op zijn blad als hij op dreigt te springen om een niet bestaand pluisje te gaan vangen. Ik moedig wat aan, doe eigenlijk niets, hij kan het zelf. Zo komt hij langzaam op dreef, hij ziet weer licht aan de horizon. Ik doe hem nog een tip aan de hand: als je dit nu zo schrijft, kun je misschien ook nog wel iets zeggen over dat... Ja! Dat doet hij. En weer een alinea erbij.

Even later is het klaar. De opluchting is zeer groot, hij wordt weer zijn gewone blije zelf. Zo blij dat hij dan ook nog maar even vertelt wat hem verder zo dwars zat vandaag. De juf. De juf die boos was geworden omdat hij had gekletst in plaats van gewerkt ("ik snapte niet wat ik moest doen en dat wilde ik aan mijn groepje vragen...")

Waarom zijn niet alle juffen zoals die van vorig jaar? Ik denk dat ik maar weer eens met deze juf moet gaan praten. Dat ook niet alle kinderen hetzelfde zijn en hetzelfde benaderd moeten worden. En dat je wel heel slim kunt zijn maar dat het beginnen aan ogenschijnlijk eenvoudige taken soms heel moeilijk kan zijn.

zondag 3 maart 2013

Ochtendritueel

Oudste, wil je je aankleden? Ik weet dat het weekend is, en dat het pas kwart over negen is, maar over een half uur moet je weg. Bovendien ben je al twee uur wakker.

Oudste, eet je ontbijt op.
Oudste, kleed je aan.
Oudste, laat je broertje nou maar, jij moet eten en aankleden. Kun je misschien ook nog tandenpoetsen als je vlot bent.

Is je ontbijt al op?
Oudste, schiet op. Laat die poes met rust en doe wat je moet doen.
Oudste....
Oudste, aankleden!
Niet spelen, ga nou aankleden. Alsjeblieft!
Nee ik ben niet boos, maar schiet nou eens op.
Oudste...
Nog vijf minuten, dan moet je weg.
Nog één minuut.
Als je nu niet opschiet kom je te laat. Mag je de eerste wedstrijd niet mee doen.
Niet leuk voor jou ook niet voor je team.
En papa komt ook te laat voor zijn eigen wedstrijd zo.
IK BEN NIET BOOS, SCHIET OP!!

Oke, oke, ik zeg al niets meer.
(....)
Maar denk je dat je het wel gaat redden op tijd te komen als ik niets zeg?
Ok, regel het zelf maar.
(...)

En dan piept oudste. Waar is zijn tas dan? Waarom wij die verstoppen? Hij ligt niet bij de kast maar er naast. Waarom moet hij eigenlijk nu al zijn sportkleding aan, hij kan zich daar toch ook omkleden? En hij begint de oneindige rij schoenveters van zijn sneakers op zijn dooie akkertje los te trekken. Zijn sportschoenen, die ik al min of meer klaargezet had om maar gelijk nu aan te trekken i.p.v. over een kwartiertje in de hal, hebben gelukkig nog gewoon klittenband.

Arrrgggggggggggh.

Maar ik zeg niets. Ik kijk niet, ik kreun niet. Ik ben zo zen als maar kan, in ieder geval uiterlijk. Al spring ik bijna uit mijn vel. Hij denkt het zelf te kunnen en wil in ieder geval nu even mijn bemoeienis niet. Dus dan moet hij maar zonder stick en schoenen in de sporthal aankomen. Als hij al op tijd komt.

Papalien, fluister ik zachtjes als oudste niet oplet (wat vrij eenvoudig lukt, haha) heeft hij zijn stick?

Als ze eindelijk in de auto zitten durf ik weer van mijn strijkwerk op te kijken. De stick is verdwenen. De drinkfles staat er nog. Hij kan wel zonder denk ik. Een blik op de klok leert dat hij het waarschijnlijk toch op tijd gaat komen. Net.

maandag 4 februari 2013

En bedankt

Ze waren alledrie ruim op tijd wakker, beneden én aangekleed. Keurig op schema jassen en schoenen aan, er hoefde niet ge-heud(*) te worden, geen boze gezichten. Zelfs peuterpuber deed alsof hij de meegaandheid zelve was.

En toen...  waren mijn sleutels kwijt. Niet zomaar kwijt, maar kwijt kwijt. En heb ik de kinderen tot mijn schande weer eens laten horen hoe grote mensen vloeken als het even niet helemaal zo lekker gaat. Maar kwijt bleven ze. Met een reservesleutel ergens opgediept konden we het huis nog afsluiten en op de fietsen springen zodat we, nat en te laat, toch nog op school zijn aangekomen.

Weer thuis heb ik het hele huis binnenstebuiten gekeerd en niets gevonden. Mijn hersens binnenstebuiten gekeerd en daar kreeg ik een vermoeden. Man whatsappte net terug. Inderdaad.

Waarom hij twee sleutelbossen nodig heeft weet ik niet, maar wel dat hij vanavond binnenstebuiten wordt gekeerd.

(*) als voltooid deelwoord van heuen, heujen?! Hoe schrijf je dat? Waarom kennen de woordenboeken op internet dat niet? Jullie toch wel? Als in ophitsen, opjagen...

maandag 26 november 2012

Een andere wereld

Geen probleem, zei ik vanmorgen tegen de moeder van zoon's vriendje N. Jullie hoeven hem vandaag niet op te halen, hij loopt met zoon mee naar ons huis om hier te spelen. Zoon zou het vragen. Ze spelen eigenlijk altijd op maandag hier en dan staat N.'s vader dus vaak voor niets op het schoolplein te wachten.

Tegen half vier begin ik me toch wat zorgen te maken. Zoon zou toch thuis moeten zijn, nu? Gelukkig loopt vriendje mee, die is wat oplettender meestal. En met zijn twee lopen ze vast niet in zeven sloten tegelijk. Hij wordt over een paar maandjes tien. Dat moet kunnen toch? Ik ken kinderen van zijn leeftijd die alleen de hele wijk en verder doorfietsen. Een kwartiertje vaste route naar huis, zonder al te veel gevaarlijke oversteekplaatsten moet inmiddels kunnen.

Dan gaat de telefoon. Moeder van vriendje belt om te zeggen dat vriendje moederziel alleen op het schoolplein stond. Hij had de juf gevraagd of ze zijn vader wilde bellen om hem op te halen. Zoon was in geen velden of wegen te bekennen en had ook niets over samen spelen gezegd.

Zoon mobiel bellen heeft geen zin, zijn telefoon staat nooit aan en is waarschijnlijk ook leeg. Gelukkig zie ik net op dat moment zijn oranje capuchon over de heg van de buren verschijnen. En blijven staan. Ik kijk nog eens goed en zie dat hij een pijl en boog aan het maken is van takken die hij onderweg heeft gevonden. Hij schiet eens wat en repareert zijn boog die zonder touw en elastiek lastig blijft zitten. Hij kijkt eens rond en schiet op een imaginaire vijand, aait de buurpoes en dwaalt langzaam in de richting van de voordeur waar ik nerveus sta te trappelen. Wat is er gebeurd?

Hij kijkt me aan alsof hij zijn moeder niet verwacht in de wereld waar hij net nog was. Gebeurd? Hoezo? Vriendje vergeten? Hoe kan dat dan? Niks afgesproken toch? En ja, hij wil er altijd graag mee spelen, maar het kwam er niet van om te vragen, geen tijd. Vanmorgen vroeg had hij eerst met vriendje S afgesproken, voor woensdag. En toen moesten ze werken. Tijdens de gymles, toen zag hij hem nergens. Wat ik knap vind als het om je beste vriend gaat die bij je in de klas zit en waar je na afloop van de gym ook nog eens bij in dezelfde kleedkamer terecht zou moeten komen.

Maar zoon is ook knap. Op allerlei terreinen. Ik ben hartstikke trots op hem. Maar soms moet ik ook wel eens heel diep zuchten. En dit was maar weer een klein voorbeeldje.

maandag 30 juli 2012

Vakjes

- Oudste, hoeveel is 4x6?  (even testen)
- uh... even denken... uh... Mama, ik heb zóveel vakjes in mijn hoofd, en dat duurt best wel even voor ik ze allemaal langs ben gegaan om het antwoord op te halen...

Terwijl ik nog nadenk over deze prachtige beschrijving mort hij dat het vierentwintig is, en gaat dan weer door met waar hij mee bezig was


vrijdag 23 december 2011

Disorders

"Peuter doet al net zo raar als Oudste", probeerde een oninspirerende doorsnee suffe gel-stekel uit de klas van oudste me te vertellen over mijn vrolijke zonen. Ik wierp hem een vernietigende blik toe (mag dat, bij tienjarigen?) en kon nog net een "gelukkig maar, dan zijn er ook nog kinderen die verder denken dan hun piemeltje lang is kinderen mét fantasie" inhouden. Hij had het waarschijnlijk toch niet begrepen, net zo min als hij de grapjes van oudste snapt.

Iets anders. Waarom noemen ze het gelijk een "disorder" als je hersens net even anders werken als die van de gemiddelde mens? vroeg Pappalien zich af. Een man waar ik voor gevallen ben, juist omdat zijn hersens niet hetzelfde werken als bij de gemiddelde mens. Wat ik zelf zeer verfrissend vond. Een half woord in plaats van alles te moeten uitleggen.

Naast dat brein heeft mijn man ook nog een eye muscle overstress disorder. Zijn oogspieren doen het zó goed dat hij echt extreem scherp ziet. Van dichtbij. Ideaal als je in de horlogereparatiebusiness zit of splintertjes uit kindervingertjes moet peuteren. Dat ik niemand aanraad bij hem in de auto te stappen als hij zijn glazen protheses niet draagt is de andere kant van de zaak. Maar om dit talent nu gelijk een disorder te noemen...

Onlangs heeft een mevrouw die daarvoor heeft doorgeleerd bedacht dat oudste zoon ook een disorder heeft. Een attention deficit disorder. Misschien verklaart dat zijn vele talenten. Of misschien ook wel niet. In ieder geval is hij ánders. En ik vind hem geweldig. Waren er maar meer zoals hij.

maandag 19 september 2011

De nieuwe juf

Daadkrachtig, vindt moeder van vriendje. Onervaren, vindt een andere moeder. Ik bied structuur want dat is belangrijk, vindt ze zelf. En oudste, wat vindt oudste van zijn nieuwe juf? Niet lief, ze is helemaal niet lief. Daar was hij heel beslist in.

Op het 10 minuten gesprek met juf, oudste en mijzelf kwam het aan de orde. Zij klaagde dat ze geen hoogte van hem kreeg, dat hij zo weinig tegen haar praat. Ik heb verteld dat hij zich niet op zijn gemak voelt bij haar, omdat ze streng is en schreeuwt en tiert. (Het is namelijk geen jongen die bewust ongehoorzaam is, dat ten eerste, hij bevindt zich vaak gewoon in een hele andere wereld dan de juf en de andere kinderen en er ontgaat hem soms het e.e.a. Bovendien, als je hem uitlegt waarom iets wel of niet mag in plaats van dat bot en boos te stellen is de kans veel groter dat hij er aan meewerkt.)

Zij maakte een deal met hem: als hij meer tegen haar zou praten en eerder zou luisteren als zij iets vroeg dan zou zij proberen niet boos te doen. Ze spraken het af, beloofden allebei hun best te doen (al dacht ik achteraf, ze zijn toch geen gelijkwaardige partners, ze is zijn júf verdorie, wat nou deal?!).

Dat was vorige week. Vandaag kwam oudste met een geleende, veel te korte broek uit school. What the f*ck? Hij is acht-en-een-half en al zes jaar zindelijk. Het zal toch niet??

Maar het was. Want er zat al iemand op de wc toen hij ook moest. Hij moest heel nodig. Maar van de juf mag er maar één tegelijk uit de klas, en dan moet je maar gewoon wachten, zo zijn de regels. Geen haar op zijn hoofd die er aan denkt om gewoon even te zéggen dat hij nodig moet plassen (of zich af vragen wat die spijbelaar inmiddels een uur op de wc doet). Een andere regel is, niet storen, niet praten als ze druk bezig is. Een regel die nuttig is voor sommige kinderen, maar bij zoon en andere kinderen die juist moeite hebben tegen de juf te praten eigenlijk helemaal niet zou mogen gelden. Nee, dan liever je de rest van de dag doodschamen in een geleende broek.

Het gaat lekker. Na een maand school heeft ze hem weer aan het nagelbijten, draait hij 23 uur per dag rondjes in zijn haar en pist hij weer in zijn broek. Een schoolvoorbeeld van een fijne relatie waarin de leerling tot het uiterste gemotiveerd wordt om het beste uit zichzelf te halen.

woensdag 29 juni 2011

Mijn mannen

Oudste en manlief. Je stuurt ze om een boodschap, maar je weet dat ze negen van de tien keer onderweg verdwalen in hun eigen gedachtenkronkels. Even naar boven om een schone broek te halen en tien minuten later zónder broek terugkomen maar wél even een stukje van het lego-project afgebouwd.

Ze denken echt wel na hoor, méér dan genoeg, over van alles en nog wat. En meer. En dat je dan even zoiets praktisch vergeet als waar je ook alweer mee bezig was, dat kan natuurlijk. Zo is zoon altijd een minuut of tien bezig met opstarten op school. Schriftjes zoeken, potloden slijpen, bedenken wat hij eigenlijk precies voor taak moet gaan doen. En als de rest dan bijna klaar is begint hij ook. En weet ze meestal vlak voor het einde nog nét in te halen en alsnog eerder klaar te zijn, dat is dan wel weer knap.

En het zit in de genen, dat is overduidelijk. Papa's genen. Wat te denken van die keer dat manlief voor de laatste keer naar een avondje van de club ging waar hij in het vrijwillig bestuur meedraaide. Thuis bij een paar hele aardige, wat oudere mensen, waar hij altijd enorm werd onthaald met lekkere hapjes en veel gastvrijheid. "Neem een bloemetje mee, dat is wel het minste wat je terug kan doen", riep ik al dagen van te voren. Natuurlijk, dat zou hij doen. Tijd zat. Hij zou er wel één gaan halen.

Op de avond zelf ben ik dus toch maar snel langs de bloemenwinkel gereden en heb een bos voor hem gekocht ("O, fijn, ik was het vergeten"). Een joekel van een bos, in opvallende kleuren, niet zomaar een bezinepompbosje waar je makkelijk overheen kijkt. "Vergeet je ze niet?", vroeg ik nog in mijn onschuld. Natúúrlijk niet, dat zou hij niet. Omdat ik een wijze vrouw ben en mijn man geheel terecht niet vertrouw als het op dit soort dingen aankomt heb ik ze maar pal voor de voordeur gezet. Zodat hij zo'n beetje moest hinkstapspringen om in de auto te komen zónder die bos.

En inderdaad. Daar stonden ze nog steeds toen ik zijn auto weg hoorde rijden.

Inmiddels staan er naast die bos (die er na twee jaar toch wat vreemd uit begint te zien) nog wat spullen. Zoals de schooltas van oudste (alleen op schooldagen overigens, in de vakantie ligt de tas meestal op school), tennisrackets, zwemtassen en een paar cadeautjes (ongetwijfeld gekocht voor feestjes waar één van mijn mannen alleen heen zou gaan).  Oja, en een peuter. Die zou manlief nog even naar de oppas brengen voor hij naar het werk ging. Man zelf zit er trouwens niet, dus dat valt mee. Ik heb net zijn gsm gebeld om te controleren of hij op zijn werk zit, maar ik krijg geen gehoor. Ik hoor wel een bekend gsm-geluidje, vanuit een jaszak aan de kapstok...

Mammalien is er nog....

maar blogt hier niet meer. Lees hoe het met haar en de haren gaat op https://saralien.nl