Ergens tussen mijn bijna comateuze middagslaap door hoorde ik zoon nog wel naar papa roepen: is het goed als er zo twee jongens komen, voor het schoolproject? Maar ik was zo moe... bovendien, papa is een papa en die kan dat allemaal best aan.
Toen ik weer soort van wakker én zowaar helemaal decent aangekleed mét beha en maillot, (kennelijk had ik toch iets meegekregen van het aanstaande bezoek) op weg was naar beneden viel ik met mijn neusje in de boter. Daar stonden twee vrienden van oudste in ons halletje, waar ik al veel over gehoord heb maar nog niet eerder live had mogen bewonderen.
Er moest kennelijk opeens op deze feestelijke paasdag iets voor school worden gedaan. Prima. Mama is blij a. dat er schoolwerk wordt gedaan b. dat hij vrienden heeft waar hij kennelijk veel lol mee trapt aan de verhalen te horen c. leuk dat ik
Aardige jongens hoor, leken ze me. Wat ze van ons moeten denken, ik weet het niet. De eerste indruk van de familie van zoon was eh, bijzonder. De troep in de huiskamer was zo mogelijk nog groter geworden. Papa had niets opgeruimd. Sterker nog, papa lag keihard te snurken op de bank en was niet van zins zijn ogen open te doen. Wat ik dan altijd enorm veel gênanter vindt dan hijzelf. Zus verschool zich achter haar telefoon. Jongste broer deed ook leuk mee. Rende me op de trap tegemoet, onder luidkeels geschreeuw: "Help! vrienden van oudste, ENG! En vooral die ene. Met dat kleurtje!"
Nou wéét ik dat oudste en zijn meer-en-minder getinte vrienden daar zelf ook graag vriendelijk bedoelde grapjes over maken, en ik wéét dat jongste zichzelf graag een houding geeft door extreem grappig te willen doen met grapjes die een groot deel van de buitenwereld niet altijd helemaal snapt, en ik wéét dat de beste manier om daarop te reageren is om in de overtreffende trap mee te gaan doen ("o nee! vrienden! wat eng!"). Maar ik kwam toch met een soort van zeer donkerrood gekleurd hoofd bij de jongens in kwestie aan. Hoe. Genant. Kan. Je. Het. Hebben.
Die "donkerwitte" was het minst verlegen en stak gelijk spontaan zijn hand naar me uit. De jongen is vakkenvuller bij onze lokale super, zo heeft zoon me in een van zijn zeldzame ontboezemingen eens verteld. Ik ben nieuwsgierig en geinteresseerd naar zijn leven en met wie hij omgaat, dus eh... "Mam kijkt bij elke donkere jongen in de supermarkt op zijn naamkaartje om te zien of jij hebt bent", verklapte hij direct mijn geheim. Tegen zijn vrienden is hij kennelijk een stuk extraverter over ons dan over hen tegen ons. Ik kleurde nog maar eens een tintje er bij. "Ze lijkt op je!", riep de jongen blij naar zoon. Die daarop zelf wat moeilijk begon te kijken.
Ze hebben lekker gewerkt, hoop ik. In ieder geval kwam er veel geluid en gelach uit zijn kamertje waar hij overigens zelf wél netjes had opgeruimd, voor de gelegenheid. Heerlijk. Pubers.