De patiënte is bijna 90, flink doof en een beetje zenuwachtig. Ze krijgt een longonderzoek: knijper op je neus en op commando in- en uitademen door een buis. Is ingewikkelder dan het klinkt (en niet alleen voor bejaarden zonder ervaring met medische tests). Het duurt dan ook even voor ze hem doorheeft. Bij een van de eerste pogingen ziet ze zichzelf zitten - met knijper op de neus hardop puffen en hijgen voor een pinnige kinderjuf - en krijgt de slappe lach. En omdat ik dezelfde genen heb én precies weet wat ze nu denkt is het voor mij ook niet te doen om niet te lachen.
Juf Ank laat geen barst in haar strakke smoelwerk zien en worstelt door met vriendelijk doch beslist communiceren zoals ze heeft geleerd op de cursus. Nee, IN de mond mevrouw. Ik ga u helpen. HEEL goed. U doet het heel goed. Alleen nog een klein beetje ...
Bij de volgende poging doet mijn moeder weer braaf haar best en ik pulk met heel veel aandacht wat pluisjes van mijn panty. Omdat ik zeker weet dat als we ook maar even oogcontact hebben we weer in lachen zullen uitbarsten. Om alles en niks, de absurditeit en de treurigheid van dit alles. Ride si sapis.
Dat taalgebruik, die houding. Ja, ze is doof, en vergeet wel eens wat. Soms moet je iets herhalen. Maar dat wil niet zeggen dat ze een peuter is. Die hele betutteling. Ik weet wat mijn moeder daarvan denkt en kan het alleen maar met haar eens zijn. We zeggen natuurlijk niks, daar zijn we te braaf voor. Pas als we even later alleen zijn zegt hardop: ze doen net of ik achterlijk ben.
Wat doet u het goed!, kreeg ze ook te horen toen ze op haar 87 voor het eerst in het ziekenhuis lag. Alleen maar omdat ze de operatie had overleefd en in bed lag zonder al te veel te zeuren over pijn
Ze heeft het vaak gezegd. Vriendelijkheid en gemeend medeleven, dat is fijn, dat is ook haar eigen instelling en dat waardeerde ze dan ook echt wel in de benadering van het ziekenhuis toen. Maar soms missen ze net de plank en slaat het door in betutteling. Ze is bijna 90, geen 4.
"En ze denken soms dat we achterlijk zijn".
Roept ze verontwaardigd. In de volle wachtkamer waar de rest van haar patiënten nog zit te wachten. Op het geluidsvolume van een wat dove bijna 90 jarige, die niet doorheeft dat de verpleegkundige in kwestie net weer haar hoek om de hoofd van de deur steekt.
En daar moest ik dan ook wel weer om lachen.
Een bikkel, jouw moeder, een bikkel met humor :-)
BeantwoordenVerwijderenWat heerlijk dat jullie de slappe lacht kregen en wat een gemiste kans voor "juf Ank" om plezier in haar werk te kunnen hebben.
BeantwoordenVerwijderenGevoel voor humor heeft ze in ieder geval.
BeantwoordenVerwijderenIk herken het zo, mijn moeder was altijd een strabante juf en nu wordt ze behandeld als een kleuter. Wij moeten ook altijd
BeantwoordenVerwijderenvreselijk lachen bij de doktoren en nog meer bij de assistenten...
Hahaha ik zie het helemaal voor me. Ik zou ook moeten lachen en me overigens wezenloos irriteren aan zo´n verpleegkundige. Vind het eigenlijk heel tenenkrommend als je ze aangesproken wordt. Er iets van zeggen heeft denk ik geen zin want druk druk druk, geen tijd voor prietpraat en gehannes, ze hebben maar weinig tijd per patiënt en moeten weer gauw dooooorrrrr.... pffff. Nou ja, je moeder heeft het weer achter de rug en jullie hebben weer even lekker gelachen ;)
BeantwoordenVerwijderenDeden ze bij mijn oma ook, die kon niks terugzeggen toen maar ik wel. Ik veegde het ze onder hun neus ook. Maar de zorg is iig goed voor je moeder, dat is ook waardevol.
BeantwoordenVerwijderen